Oh mijn god, ik ga hier meteen strijk met mijn titel. Wat ben ik humoristisch aangelegd, verdorie toch, ‘t is niet meer normaal. Nochtans verpest Manlief net even (terecht) mijn goed humeur door uit’t niets te vragen of ik nog wel durf te gaan winkelen in Rosendaal vrijdag of zaterdag, sinds “het nieuws uit dat winkelcentrum in Holland”. Ik wist weer even van niets en nadat Manlief dus vertelde wat er zich daar heeft afgespeeld het afgelopen weekend moest ik even terug tot mezelf komen na al mijn “oh-de-lafaard” en “die-zelfmoord-had-potverdekke-moeten-mislukken-den-onnozelaar”-uitspraken (voor zij die’t ook in Keulen horen donderen, er zou een kerel een winkelcentrum binnengewandeld zijn en gewoon in’t rond beginnen schieten…om daarna zichzelf van’t leven te beroven) alvorens ik verder kon bloggen.
Maar goed,
mijn prachtigmooie zoon Fedde krijgt sinds dit weekend vaste voeding.
‘t Is een waar spektakel om te zien en ‘t is denk’k nog mooier om Manlief en mij te bekijken dan hém, aangezien hij in zichzelf enkel lijkt te denken wat in godsnaam dat oranje plastieken ding is waarmee ze die dikke brij in zijn mond proberen te duwen. Wij echter, zitten als halve garen vrrrrroem-tuut-tuut-geluidjes en andere mondje-open-praktijken uit te brengen in de hoop dat Fedde hierdoor enig enthousiasme kan opbrengen voor zijn groentjes.
‘t Was onze eerste keer en zodus moesten we allebei, ongelooflijk zenuwachtig, meermaals de gebruiksaanwijzing (hoe moeilijk kan het zijn) van dat potje Olvarit (jaja, potjesvoeding, ik ben d’r zo één. ‘t Was zelfs een tip van onze geweldige vroedvrouw om tussendoor zéker niet te vergeten potjes te geven, ze zijn even gezond en lekker makkelijk. Ook voor de eerste keer is’t superhandig, aangezien je sowieso al wat zenuwen hebt misschien en je eerst die hele babycook moet uitzoeken om dan te beseffen dat je kindje moord en brand aan’t brullen is van de honger tegen dat je ein-de-lijk zeker genoeg bent van al die hoeveelheden. Niet dat’k enkel en alleen uit principe tussendoor potjes zal geven hoor, integendeel. ‘t Mag begod wel eens makkelijk zijn en ook voor mezelf maak’k zeker niet dagelijks alles netjes vers omdat’t leven dan beter zou zijn ofzo. Luie dozen moeten ook eten, toch?) lezen alvorens we dat ding in onze microgolf zetten.
En Fedde proefde…en proefde…en’n halfuur lang trok hij bedenkelijke gezichten terwijl hij met z’n tong eens langs het lepeltje likte. Veel had-ie niet binnen, uiteraard, nadien klotste hij dan ook z’n giga-papfles leeg op minder dan’n minuut (en da’s hier nog niet eens een prestatie hoor…).
De dag nadien kreeg hij eenzelfde potje, maar was hij dan weer te moe, waardoor hij na elke hap z’n tutje vroeg en even indommelde, om dan daarna weer’n hap te krijgen. Uiteindelijk had hij dus wel heel wat binnen, maar’k twijfel of de mensen van Kind&Gezin het graag zouden horen moest’k zeggen dat’k dé manier heb gevonden om’n kindje iets-vroeger-dan-normaal vaste voeding te geven…in z’n slaap.
Uiteraard moet hij ook lekkere verse groentjes leren kennen en zodus trok ik met La Mama naar de winkel met de paniekerige vraag “of gij dan eens kunt zien welke groentekes ik moet hebben en hoe die er moeten uitzien enzo, want ik kén niks van zo’n verse groentekes!” (neen, niet lelijk vingertjewijzen naar’n leene die precies geen groenten eet, wij eten wel dégelijk groenten, maar ons gamma is niet bepaald uitgebreid aangezien wij’t lekker handig vinden om bij Grootvadertjelief in zijn kelder te gaan shoppen tussen alle ‘geweckte’ groentjes van zijn veld)
Vandaag leerde Fedde echter de smaak van bloemkooltjes kennen, vers klaargemaakt in het meest wonderbaarlijke toestel (nog net íets wonderbaarlijker dan de stofzuigrobot, dus dat wil al wel iets zeggen) genaamd babycook en het leek me toch weer een geslaagde operatie. Tutjelief was nog steeds van de partij, maar ‘k liet mijn autogeluiden toch maar even achterwege aangezien Fedde klaarblijkelijk zich afvraagt sinds wanneer er auto’s op groentenpap rijden of whatever the hell nog een reden kan zijn waarom ik zo’n geluiden maak bij doodergerlijke situaties als het eten-der-papjes. Na elke hap kreeg Fedde weer zijn tutje, waardoor hij dan netjes zijn groentjes door z’n prachtige keelgat liet glijden en ‘t leek me toch alsof hij de smaak best oke vond en zodus nam ik dat meteen als’n ongelooflijk compliment naar mijn kookkunsten toe aangezien mijn geweten toch lekker niet weet dat eigenlijk die babycook alles gedaan heeft.
‘t Is weer een grote stap in z’n kleine leventje en weer een nog grotere stap in het onze, maar ‘t maakt onze dagen weer nét dat ietsje interessanter…
…nog interessanter.
Liefs,
Leene, met mondje open.
(11.04.11)